Acht procent van de mannen doet het met een dier, voor vrouwen ligt die drempel iets hoger: 3,6% lust er wel pap van en vat met regelmaat de koe bij de horens. Je zal het maar zijn, zoösexueel. Sophie Hilbrand portretteerde drie zoöfielen in het gelijknamige BNN-programma. Eentje was verliefd op een paard, twee mannen hadden hun hart verloren aan een hond. Geen keeshond trouwens. ‘Mam, waar gaat dit over?’, riep mijn dochter, voordat alle beelden goed en wel bij mij waren binnengekomen. Daar zat ik dan met een mond vol tanden en mijn goedbedoelde pedagogische praatjes over seksualiteit, intimiteit, moraal, wederzijds respect, gelijkwaardigheid en veiligheid. Het hoofdstuk hygiëne slaan we voor het gemak maar even over. ‘Walgelijk zeg, dat dat bestaat!‘ Gelukkig riep ze het. Mijn boodschappen zijn toch aangekomen. Ja, het bestaat. Het schijnt een seksuele voorkeur te zijn.

Bioloog Midas Dekkers nam het zelfs voor de dierenliefhebbers op. Plofkippen, stalkoeien en mestvarkens hebben in zijn ogen een zwaarder leven. ‘Als je wordt betrapt terwijl je een paard van achteren neemt, moet je de gevangenis in; als je 500.000 kippen onder barbaarse omstandigheden in een hok stopt, krijg je een grote zak subsidie.’
Toch is liefde tussen mens en dier volgens dezelfde Dekkers ‘een gigantisch misverstand’, zei hij in een eerder interview. Ik citeer: ‘Mensen zijn ter wereld gekomen met slechts het vermogen om van andere mensen te houden. Wat mensen wel kunnen, is in dieren, en zelfs in dingen, menselijke trekjes ontwaren en daar ontzettend veel van houden. Mensen houden niet van een hond, omdat hij kwijlt en stinkt en uitgelaten moet worden. Ze houden van het menselijke in een hond: dat ie je trouw aankijkt en het geluid van je auto herkent als je thuiskomt.’
Dat je er als volwassen vent lol in hebt je piemel in een merrie te steken, ik vind het inderdaad niet passen. Maar een graadje erger nog zijn de vrouwen bij wie die kerels daarna aankloppen voor hun gerief en dat eenrichtingsverkeer gewillig over zich heen laten komen. Lijkt me voer voor een schimmelinfectie.

Pedofilie, necrofilie, zoöfilie, dank je de koekoek. Misschien dat ik er nog een paar vergeet. Zou zomaar kunnen. Het is allemaal de ver-van-m’n-bed show. Als je door de winkelstraten loopt en om je heen kijkt, zou je het niet denken, maar sex staat hoog genoteerd in onze dagelijkse agenda. Het wordt zelfs als vanzelfsprekend beschouwd dat je het met regelmaat doet, merkte ik gisteren bij de huisarts. Tijdens een inwendig onderzoek vroeg ze niet ‘Heeft u sex en zo ja, doet dat pijn?’ maar ‘Heeft u pijn tijdens uw seksuele activiteiten?’ Het woord ‘activiteiten’ triggerde me op een of andere manier en bijna ging de fantasie met me op de vrije loop. Bijna dan, want terwijl de huisarts flink doortastte dacht ik ‘Ben je gek, dat risico neem ik niet meer.’ Maar ik zei: ‘Nee hoor, totaal niet.’

Volgens Maslow is seks een fundamentele lichamelijke behoefte, die in dezelfde orde van grootte valt als slaap, eten en drinken. Zonder voedsel, drank en nachtrust, ik moet er inderdaad niet aan denken. En sex? Alleen op basis van gelijkwaardigheid, anders laat maar zitten.
‘Arm schaap’ hoor ik half Nederland denken.

14981612_ml

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

20 + 13 =